» Homepage

Verwerkingsopdrachten bij het boek Hosanna, zes verhalen rond Goede Vrijdag en Pasen

Verhaal: Het voorhangsel scheurt

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Een vuil kleed’

Kleur de man met de vieze kleren. Knip van wit papier of witte stof een kleed en bedek de vieze onderkleren van de man hier helemaal mee.
Lees de volgende tekst uit Romeinen 4:7 en 8 Zalig zijn zij, welker ongerechtigheden vergeven zijn, en welker zonden bedekt zijn. Zalig is de man, welken de Heere de zonden niet toerekent.

Voorbeeld
Werkblad

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Een wit kleed’

Neem drie vellen papier: een zwart, een rood en een wit vel.
Schrijf op het zwarte papier: vuil door de zonde.
Schrijf op het rode papier: het bloed van de Heere Jezus.
Schrijf op het witte papier: gewassen, zonder zonde.
Maak er een boekje van. Het zwarte papier onderop, dan het rode papier en dan het witte papier. Laat zo zien hoe iemand die zwart is door de zonde, in Gods ogen zonder zonde kan zijn. Lees het boek achterstevoren voor.

Voorbeeld

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Een gescheurd kleed’

Kleur de plaat van het Heilige der Heiligen, met daarin de ark van het verbond, mooi in. Neem een lapje stof en knip of scheur het doormidden. Plak aan de linkerkant van de ark het ene stuk van het voorhangsel en aan de rechterkant het andere stukje stof.

Voorbeeld
Werkblad

Verhaal: Het Lam geslacht

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Het Lam van God’

Maak een tekening van Johannes de Doper bij de Jordaan. Teken hem met de juiste kleren, zoals je dat leest in Mattheüs 3:4.

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Het paaslam’

Kleur de vlekken in met rode verf. Prik of knip de stippellijn, zodat je de deur open kunt vouwen. Plak het blad met het kruis erachter. Kleur alles netjes in. Je kunt ook kiezen voor de bouwplaat. Print deze uit op A3-formaat.

Bouwplaat
Werkblad

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Het Lam aan het kruis’

Knip het lam uit. Doe dit voorzichtig. Het Paaslam moet gaaf zijn, zonder een gebroken pootje. Vouw het lijfje over de vouwlijn, zodat het kan blijven staan. Plak aan weerszijden het kopje erop. Plak watjes op het lijf, voor een wollige vacht. Waarin leek de Heere Jezus op het paaslam?

Voorbeeld
Werkblad

Verhaal: Hosanna!

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘De intocht in Jeruzalem’

Print het palmblad op groen papier. Knip het netjes uit. Schrijf de leertekst op het palmblad: ‘Hosanna den Zone Davids! Gezegend is Hij, Die komt in de Naam des Heeren. Hosanna in de hoogste hemelen!’ Mattheüs 21:9b

Voorbeeld
Werkblad

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘De voetwassing’

Kleur de tekst uit Johannes 13:14 mooi in en hang de tekst op een plaatsje waar je deze elke dag kunt lezen. Probeer je elke dag op de Heere Jezus te lijken?

Voorbeeld
Werkblad

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Blik op het kruis’

De jongen troost Jochanan door hem te vertellen over wat hij weet van de Heere Jezus aan het kruis. We kunnen mensen troosten door hen uit de Bijbel te vertellen of door hen een kaart te sturen met een Bijbeltekst erop. Zoek een tekst op in de Bijbel en schrijf die op een kaart. Stuur de kaart naar iemand, waarvan je denkt dat hij troost kan gebruiken.

Verhaal: De roze cyclaam

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘De hof van Eden’

Maak een schilderij van de mooiste bomen, planten en bloemen die je kunt bedenken. Schrijf onder je schilderij de tekst uit Genesis 1:12: ‘En de aarde bracht voort grasscheutjes, kruid zaadzaaiende naar zijn aard, en vruchtdragend geboomte, welks zaad daarin was, naar zijn aard. En God zag, dat het goed was.’

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘De hof van Gethsémané’

Waarom moest de Heere Jezus lijden? Schrijf dit op aparte briefjes. Je kunt denken aan verschillende zonden. Vouw elk briefje op en stop het in een drinkbeker. Schrijf net zoveel briefjes, totdat de hele beker vol zit.

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘De hof van Jozef van Arimathea’

Kleur het rotsgraf en knip het uit. Zoek een doosje dat iets groter is dan de opening van het graf. Het mooiste is het, als het doosje niet te groot is, zodat het wegvalt achter de rots. Plak het rotsgraf op het doosje en knip de opening uit het graf. Door het doosje blijft het graf staan en kun je goed zien dat het graf leeg is. Kleur de steen en knip de steen uit. Maak de steen vast met een splitpen, zodat je de steen voor de ingang van het graf kunt plaatsen, maar ook weg kunt draaien. Heb je geen splitpen? Zet de steen dan tegen je werkje aan.

Voorbeeld
Werkblad

Verhaal: Gewassen

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Handen wassen’

Schrijf op het hoofd welke verkeerde dingen je kunt denken. Schrijf in de mond verkeerde dingen die je kunt zeggen en op de handen verkeerde dingen die je doet. (Lees nog eens Markus 7:20-23)
Schrijf de tekst onder het werkje uit 1 Johannes:7b: ‘Het bloed van Jezus Christus, Zijn Zoon, reinigt ons van alle zonde.’

Voorbeeld
Werkblad

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Gewassen in onschuld’

In het vervolg van het verhaal gaan we horen over duisternis. Daar ga je nu vast iets bij knutselen. Neem een zwart papier. Plak onderaan, in het midden, een halve witte cirkel, als een opkomende zon. Knip smalle stroken wit papier. Maak hiervan de zonnestralen. Heb je krijt? Dan kun je de zonnestralen ook op een andere manier maken. Kleur de rand van de zon in met wit krijt. Veeg het krijt met je vinger uit, in mooie stralen, op het zwarte papier. Schrijf in de zon de tekst uit Micha 7:8b:  ‘Wanneer ik in duisternis zal gezeten zijn, zal de HEERE mij een licht zijn.’

Voorbeeld 1
Voorbeeld 2

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Vuile handen’

De vader van Nathan ging vragen of er soldaten de wacht mochten houden bij het graf van de Heere Jezus. De wachters konden de opstanding van de Heere Jezus echter niet tegenhouden. Verdeel een groot vel papier in twee helften. Schilder op de ene helft het gezicht van Nathan. Hoe kijkt hij als hij het nieuws van de opstanding van de Heere Jezus hoort? Waarom voelt hij zich zo? Schilder ernaast je eigen gezicht. Laat zien hoe jij je voelt als je denkt aan de opstanding van Christus. Leg uit waarom jij je zo voelt.

Verhaal: Een huis in de hemel

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Weg van huis’

Neem het werkblad en een leeg A4. Kleur het huis met de vele woningen in. Prik of knip de raampjes over drie lijnen. Vouw het raam over de stippellijn open. Plan het huis op het lege A4. Achter elk raampje schrijf je een woord van de leertekst: In het huis Mijns Vaders zijn vele woningen, Johannes 14:2.  In het laatste raampje schrijf je de vindplaats van de tekst in de Bijbel. Gebruik dit huis bij het leren van de tekst. Steeds als je een woordje kent, kun je dat raampje dichtvouwen.

Werkblad

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Terug naar huis’

Maak twee kolommen. Schrijf boven de ene kolom: Mirjam. Schrijf boven de andere kolom: de Heere Jezus. Schrijf steeds wat er met Mirjam gebeurt in haar kolom en wat er met de Heere Jezus op datzelfde moment gebeurt in de andere kolom. Kleur groen wat hetzelfde is. Kleur blauw wat verschillend is.

Verwerkingsopdracht bij tussenkopje ‘Thuis’

Neem het werkblad. Kleur met blauw de zee en met groen het land op de planeet aarde. Kleur de wolk lichtblauw of lichtgrijs. In Kolossenzen 3:2 lezen we dat we de dingen moeten bedenken, die boven zijn. Welke dingen zijn dat? Schrijf die in het huis boven de wolk. Ook staat in de tekst dat we niet de dingen moeten bedenken die op de aarde zijn. Wat zijn de dingen van de aarde? Schrijf die in het huis op de aarde. Zet daar met potlood een rood kruis doorheen.

Werkblad